Zoeken naar werkelijk contact
Over het werken met rollenspelacteurs in opleidingssituaties
In een aantal RINO-cursussen, zoals die van docente Harriët Hofstede, wordt al gewerkt met rollenspelacteurs. In januari 2008 start de nieuw ingerichte opleiding Kinderen en Ouders, waarin rollenspellen een belangrijk instrument vormen. En ook in de nieuwe cursus Praten met Pubers, die voor het voorjaar van 2008 op stapel staat, zal veel met rollenspellen gewerkt worden. Rollenspelactrice Hannie Mellema vertelt over de kunst van het spelen van GGZ-cliënten.

Mijn taak als acteur is om een brug te leggen waar zij overheen kunnen lopen. En voor de cursisten geldt dat ze veel meer leren door het te spelen dan door er alleen over te praten.
Overdracht
Rollenspellen zijn een veelgebruikt middel om cursisten te laten oefenen met situaties uit de realiteit, en hen in een veilige situatie technieken te laten uitproberen en onderzoeken. Dat kan door cursisten onderling rollen te laten spelen – de een is de hulpverlener, de ander de cliënt – maar dat is lang niet zo 'echt' als wanneer een acteur de cliënt speelt. Rollenspelactrice Hannie Mellema, oorspronkelijk opgeleid tot dramadocent, is al een aantal jaren vaste kracht in de cursussen van Harriët Hofstede, Specialistische gesprekstechnieken en Praten met kinderen: de kunst van het luisteren. "De functie van mij als acteur in een cursus," zegt Mellema, "is dat ik door in mijn rol te blijven de ander erin kan trekken, en dan wordt het echt. Dat lukt onderling veel lastiger, dan stap je gewoon even uit de rol als het moeilijk wordt."
Mellema speelt haar rollen op basis van door cursisten ingebrachte casuïstiek. In de cursussen van Hofstede gaat het vaak om kinderen die slachtoffer zijn van (seksueel) misbruik. Ook voor de cursisten is de casuïstiek in zulke gevallen een puzzel van feiten, gedrag en symptomen van een cliënt. "Ik hoor dat verhaal en krijg daar, hoe zeg je dat, een soort energetische imprint van mee. Ik laat alle feiten over de cliënt op me inwerken – houding, gedrag, manier van praten, enzovoorts. Al die feiten zie ik als een uiting van wat er met die cliënt aan de hand is. Dat roept gevoelens bij mij op, en daar speel ik mee. Misschien klinkt het wat mysterieus, maar het is eigenlijk een vorm van overdracht."
Het fenomeen van overdracht, oorspronkelijk ontwikkeld door Freud, is bekend in therapeut-cliëntrelaties, waar de houding en emoties van de cliënt soms ongemerkt worden overgenomen door de therapeut. Mellema maakt juist gebruik van overdracht om haar rollen levensecht te kunnen spelen. "Het gaat er eigenlijk om dat je alle gevoelens en associaties naar aanleiding van een casus serieus neemt. De kunst van het spelen is vervolgens om die gevoelens te kanaliseren en articuleren."
Wat is mijn motivatie?
Het rollenspel zelf bestaat uit improvisatie, maar dat kan alleen als er een duidelijke basis is. Mellema: "Zonder de kern – wat is er aan de hand met deze cliënt – kan je niet in je rol blijven. Dat is dan ook waar Harriët [Hofstede] en ik vantevoren naar zoeken. Neem bijvoorbeeld een meisje dat heel erg bang is om haar moeder te verliezen, dat wordt dan het uitgangspunt, de kern vanwaaruit alle gedrag gestuurd wordt. Dat is sowieso natuurlijk de basis van acteren, om vanuit de diepe motivatie van een karakter te spelen."
Mensen denken vaak dat het wreed is om over zulke pijnlijke onderwerpen directe vragen te stellen. Maar in mijn rol als kind ervaar ik dat het tegendeel waar is. Juist het eromheen draaien is zo pijnlijk.
Hoewel het meestal gaat om complexe en niet altijd even heldere situaties, probeert Mellema het zo feitelijk mogelijk te houden. "Daar kan ik het meeste mee, met het puur feitelijke gedrag van een cliënt. Maar laten we wel zijn: uiteindelijk is het doel om een situatie op zo'n manier na te bootsen dat de cursist kan oefenen met vragen stellen, met het vinden van de juiste ingang om dingen boven tafel te krijgen. Het gaat om dat proces, en daarbij is de 'waarheid' van de casus in feite secundair." Dat maakt de voorbereiding van een rollenspel echter niet minder belangrijk, zo benadrukt Mellema. "Niet alleen voor mij maar ook voor de cursisten. Het moet duidelijk zijn wat de hamvraag is, anders heeft iedereen de neiging om de hete brei heen te gaan draaien en de zere plek te vermijden. Mensen denken vaak dat het wreed is om over zulke pijnlijke onderwerpen directe vragen te stellen. Maar in mijn rol als kind ervaar ik dat het tegendeel waar is. Juist het eromheen draaien is zo pijnlijk."
Aanknopingspunten om te reageren
De essentie van acteren is expressie, het vermogen om zichtbaar te maken wat er in iemand omgaat. De taak van een rollenspelacteur is bovendien om kansen te bieden aan de ander (de cursist/hulpverlener) om te reageren, want alleen dan kan diegene oefenen met het getoonde gedrag. Mellema: "Ik breng constant in wat er met mij gebeurt in mijn rol. Ik houd hen als het ware steeds een spiegel voor. Vaak betekent dat ook dat ik verwoord of verbeeld wat in werkelijkheid verborgen zou blijven. Zo blijf ik transparant en bied ik de cursist aanknopingspunten om te reageren."
Op deze manier probeert Mellema de cursisten te helpen, maar wel altijd binnen de grenzen van de rol. Het lastige is dat die ruimte heel klein is, omdat het vaak juist gaat om gesloten, noncommunicatieve cliënten. "Soms kunnen de rollen heel pijnlijk en uitzichtloos zijn. Het kan ook gebeuren dat ik helemaal niks voel bij een casus. Dan heb je de neiging om in paniek te raken, want waarom gebeurt er nou niks? Tot je bedenkt dat dat dus precies is wat er aan de hand is. Dit kind voelt helemaal niks, ze onderdrukt al haar emoties, ze is leeg van binnen."
Als het goed gaat ontstaat er een vertrouwensband tussen cursist en cliënt. Dan kan de cliënt zich openstellen en leidt het gesprek tot een doorbraak in het proces. Dat zijn mooie momenten, als alles klopt en de dingen op hun plaats vallen.
Om ook weer uit haar rol te kunnen stappen, en fictie en realiteit duidelijk te kunnen scheiden, zorgt Mellema altijd voor een attribuut, bijvoorbeeld een petje of een jasje dat ze uit of af kan doen als de scene is afgelopen. Ook Hofstede helpt bij een zorgvuldige afwikkeling van de emotioneel vaak zware rollen. Mellema: "Het blijft altijd een dubbel gevoel: er is Hannie de actrice en er is de rol. En tijdens het spelen kijk je naar jezelf – dan observeert Hannie vanaf een soort metaniveau de rol die ze speelt. Dat levert waarnemingen op tijdens het spel, extra informatie die we in een nabespreking kunnen evalueren. Soms zetten we de scene ook even stil, bijvoorbeeld als er iets cruciaals gebeurt, of juist als er te lang niks gebeurt. Ook voor mij wordt vaak pas tijdens het spelen transparant wat er gebeurt."
Een brug leggen
Het meest bevredigend is een gesprek als het tussen cliënt en hulpverlener 'stroomt', zoals Mellema het noemt. "Als de hulpverlener de juiste vragen stelt, dan kan het kind dat ik speel ook meer geven en meer laten zien, bijvoorbeeld door even iets van emotie te tonen. Dat is een spannend moment, want hoe reageer je als hulpverlener op die emoties? Wat ik vaak zie is dat ze dan de controle zoeken of over het moment heen praten – en dan klapt de cliënt weer dicht." De kunst voor de cursisten is dan ook te leren omgaan met de emoties die in een gesprek naar boven komen. Mellema: "Dat is waar Harriët vooral op coacht: het krijgen van werkelijk contact, door helemaal aanwezig te zijn in het moment, en het durven stellen van de vragen die er echt toe doen. Als dat goed gaat ontstaat er een vertrouwensband tussen cursist en cliënt. Dan kan de cliënt zich openstellen en leidt het gesprek tot een doorbraak in het proces. Dat zijn mooie momenten, als alles klopt en de dingen op hun plaats vallen. Uiteindelijk is dat toch waar we met z'n allen voor gaan."
Vaak zijn cursisten vooraf wat huiverig voor het meedoen aan een rollenspel, maar Mellema's ervaring is dat ze de toegevoegde waarde meestal snel zien. "Ze vinden het eerst een beetje intimiderend, zo'n acteur tegenover zich. Het is toch eng om voor een groep voor te gaan doen hoe jij je beroep uitoefent. Ik probeer dan altijd duidelijk te maken dat ik er voor hen ben. Mijn taak is om een brug te leggen waar zij overheen kunnen lopen. En voor de cursisten geldt dat ze veel meer leren door het te spelen dan door er alleen over te praten." Voor Mellema zelf is het spelen van kinderen vooral erg leuk om te doen. "Als ik een volwassene speel is er een veel grotere rol weggelegd voor m'n verstand. Het is juist zo heerlijk aan kinderen dat ze zo eerlijk zijn in hun reacties en veel meer primair, vanuit hun gevoel reageren."
Zie ook
- Het boek De mens als verhaal van Jan Olthof en Eric Vermetten beschrijft narratieve strategieën in psychotherapie voor kinderen en volwassenen.
Tekst Bernard Vehmeyer
